Magische genezing van nagebootste stoornissen

MAGISCHE 'GENEZING' VAN NAGEBOOTSTE STOORNISSEN

suggestie en misleiding in Evangelische Gemeentes

door dr. FRANCINE ALBACH

De meeste christenen wijzen hypnose op grond van bijbelse argumenten af. Toch is het zo, dat er in de christelijke gemeenten mensen in trance raken. Sommige personen zijn daar meer gevoelig voor dan anderen. Vooral getraumatiseerde mensen zijn trancegevoelig. Bepaalde pastoraal werkers spelen op de trancetoestand van de persoon in, waarbij zij hypnotische suggesties uitdelen, zonder dat ze dit zelf in de gaten hebben. Dit kan in de praktijk leiden tot het ten onrechte stellen van een diagnose van DIS, tot nagebootste stoornissen en tot schijngenezingen. In dit artikel zal worden ingegaan op dergelijke misleidingen, die plaats vinden in christelijke gemeenten.

Spontane trance

Verschillende christelijke auteurs (Bambridge - 1993, Feller - 1995) wijzen erop, dat het gebruik van hypnose tegen Gods bedoeling ingaat. Feller schrijft, dat er door hypnose geknoeid wordt met het vermogen om waarheid van fictie te onderscheiden. (p.104) Dit standpunt is in de meeste christelijke gemeenten wel aanvaard. Toch kan het gebeuren dat mensen tijdens de samenkomsten in een vorm van trance raken. Over de meer buitenissige vormen hiervan wil ik het in dit artikel niet hebben (zoals 'vallen in de geest', in extase zijn voor God, etc.). Het gaat mij erom dat er mensen zijn, die in een vorm van 'spontane trance' vervallen, waarin zij heel gemakkelijk de suggesties van een voorganger of een pastoraal werker opvolgen. Het gaat mij vooral om die gevallen, waarin de pastoraal werker bepaalde suggesties doet over het innerlijk van een persoon.

Trancegevoeligheid

Uit wetenschappelijk onderzoek is bekend, dat er grote individuele verschillen zijn tussen mensen in hun vermogen om zich in hun verbeelding, in een soort trancetoestand, allerlei dingen voor te stellen. Sommige mensen zijn nu eenmaal meer 'phantasy-prone' (fantasievirtuozen) dan anderen. Als zij zich in hun verbeelding iets voorstellen, zien zij dat zo helder voor zich, alsof het op dat moment werkelijk gebeurt.

Een voorbeeld hiervan zijn de mensen, die rapporteren, dat ze een orgasme krijgen alleen maar door middel van seksuele fantasie. In een onderzoek van Wilson en Barber (1983) bleek dat 75% van een onderzochte groep 'fantasievirtuozen' in staat was tot een dergelijke prestatie. Het bleek ook zo te zijn, dat deze mensen heel goed hypnotiseerbaar zijn en uiterst gemakkelijk in een trancetoestand raken. Het vermogen om je de werkelijkheid zo levendig voor te stellen in een soort trancetoestand is een bepaalde eigenschap, die lang niet iedereen heeft.

Net zoals de mate van intelligentie (gemeten als IQ) sterk verschilt tussen de ene en de andere mens, is ook het vermogen om in trance te raken een eigenschap, waarin een groep mensen heel sterk kan verschillen. Binnen een gemiddelde groep christenen kunnen we dus 'fantasievirtuozen' aantreffen, maar ook mensen, die van nature heel 'nuchter' zijn (overigens heeft trancegevoeligheid niets te maken met intelligentie; een intelligent persoon, die zeer trance-gevoelig is, kan zich van alles laten wijsmaken, terwijl een wat minder intelligent persoon zich toch veel minder laat wijsmaken, omdat hij minder suggestibel is.)

Suggestibiliteit

Mensen, die trancegevoelig zijn, zijn vaak ook erg suggestibel. Anderen kunnen hen, omdat ze zo makkelijk in een toestand geraken, waarin hun logisch denkvermogen wordt uitgeschakeld, heel gemakkelijk van alles wijsmaken. Uit de geschiedenis van de psychiatrie is bekend, dat er vanaf de achttiende eeuw vele hypnotiseurs waren, die mensen beïnvloedden. Men liet mensen bepaalde rollen spelen en men trachtte zieke mensen via suggestie te genezen. Dergelijke vertoningen golden zelfs als vormen van publieksvermaak op kermissen en in theaters. Duidelijk is allang, dat dit met een bepaalde groep mensen goed lukt. Ook heden ten dage zien we, dat Rasti Rostelli of Jomanda in staat zijn om die mensen uit hun publiek te selecteren, die een hoge trancegevoeligheid hebben. Als zij deze mensen als een kip willen laten kakelen of hen het gevoel geven dat bepaalde lichaamsdelen warmer worden, lukt dat bij deze groep beter dan bij anderen.

Men kan suggestibele, trancegevoelige, 'phantasy-prone' mensen ook laten geloven, dat zij meerdere persoonlijkheden hebben. Al in de negentiende eeuw werden dergelijke experimenten uitgevoerd. Maar ook tegenwoordig zien we, dat artsen in staat zijn om bepaalde patiŽnten te laten geloven, dat zij een kind, een volwassene, een boze figuur etc. etc. in zich hebben. Nu is er een psychiatrische stoornis, waarvan bekend is, dat er bij degene, die eronder lijdt, de identiteit in verschillende delen is uiteengevallen. Dit DIS ( OF DID). Er zijn wel degelijk patiënten, die zichzelf beleven als verschillende persoonlijkheden (ik heb er zelf velen onderzocht).

Maar het is evengoed mogelijk, dat mensen zich maar verbeelden verschillende personen te hebben, omdat hen dat aangepraat is door hulpverleners. In dat geval spreken we van een 'iatrogene creatie' van verschillende persoonlijkheden. Het zal duidelijk zijn, dat het 'creëŽren' van persoonlijkheden lang niet bij iedereen zal lukken. Alleen mensen, die uiterst suggestibel zijn, zullen de gedachte overnemen, dat zij bestaan uit verschillende persoonlijkheden.

Nagebootste stoornis

Nu is het zo, dat het denken in termen van verschillende persoonlijkheden in christelijke kringen tot nu toe nog niet zo was doorgedrongen. Sinds 1996 is er echter, onder invloed van Ken Thornberg, in sommige plaatsen in Nederland een tendens ontstaan om bij confidenten 'alters' (dat wil zeggen 'alterdelen') te onderscheiden. Verschillende gevallen zijn mij ter ore gekomen van mensen die, onder invloed van pastoraal werkers, die de methode 'Thornberg' omarmen, zijn gaan geloven dat zij ook MPS hebben. Dit verschijnsel is in de psychiatrie echter allang bekend. Daar wordt het het probleem van de 'nagebootste stoornis' genoemd. Vooral vrouwen met een 'theatraal persoonlijkheidsstoornis', d.w.z. mensen, die zich laten meeslepen door rollen en die gevoelig zijn voor suggestie, zullen voor een 'nagebootst stoornis' vatbaar zijn.

Het is echter niet zo, dat er met deze mensen niets aan de hand is. Zij kunnen als kind ernstig getraumatiseerd zijn. Mensen met een nagebootst stoornis kunnen van de echte DIS-ers worden onderscheiden door een zekere gretigheid, waarmee ze de diagnose omarmen, en bovendien hebben ze de neiging bepaalde kenmerken van DIS te overdrijven. (Boon & Draijer,1995)

Integratie via doorbidden

Er zijn dus mensen, die menen aan een Meervoudig Persoonlijkheids Stoornis te lijden, terwijl daarvan geen sprake is. Is dat nou zo erg? Ik denk van wel. Ten eerste komt dit niet ten goede aan degenen, die werkelijk onder MPS lijden. Volgens de methode 'Thornberg' is het namelijk de gewoonte om mensen, waarvan wordt beweerd dat zij aan MPS lijden, te genezen door ze een middag lang 'door te bidden'. De bedoeling daarvan is niet alleen dat er demonen verwijderd worden (iets waar ik niks tegen heb, zolang we er tenminste van uit gaan, dat die er werkelijk van tevoren waren). Maar als afsluiting van het bidden wordt er nog even een hypnotische suggestie gegeven: "Alle alter-delen mogen nu een wit gewaad aantrekken en stuk voor stuk met Jezus meegaan." De echte MPS-er, die dit 'hypnotische bevel' opvolgt, zal zich vanaf dat moment zelf een tijd lang wijsmaken dat 'iedereen weg is'. Het lijkt dan alsof ze inderdaad 'genezen' zijn. Hiertegen heb ik grote bezwaren.

Het proces van integratie van verschillende deelpersoonlijkheden neemt bij echte MPS-ers jaren in beslag. (Zie Friezen - 1992, Huber - 1997 en Putnam - 1989) Het is uiterst onwaarschijnlijk dat er bij een zo moeizaam therapeutisch proces (waarbij er ook nog eens vele trauma's verwerkt moeten worden) door toedoen van een bepaalde 'methode' binnen een kwartier genezing plaats vindt. Hierover staat ook helemaal niets in de Bijbel. Exorcisme van demonische 'deelpersoonlijkheden' is in de literatuur voldoende gedocumenteerd. De integratie van 'alters' hoort echter tot het terrein van de psychiatrie. Als het zo mocht zijn, dat er bij een echte DIS-er werkelijk integratie van de alterdelen tot stand komt door toedoen van de Heilige Geest, dan is dat net zo'n wonder, als dat iemand plotseling geneest van kanker.

Overigens heb ik zelf een geval van spontane wonderbaarlijke integratie en genezing van een echte MPS-er van dichtbij meegemaakt, maar hier is geen 'methode Thornberg' aan te pas gekomen. Ik heb er geen verklaring voor en ik vind het heel bijzonder. Je zou het elke DIS-er gunnen. In de meeste gevallen zal echter na verloop van tijd blijken, dat de alters helemaal niet 'met Jezus waren meegegaan', maar dat ze zich gewoon een tijd lang verstopt hadden, onder het motto 'als ik er nog ben en nog niet ben meegeïntegreerd, dan ligt dat aan mij, want dan heb ik niet genoeg mijn best gedaan. Ik heb mij de overwinning laten ontroven.

Schijngenezingen

De tweede reden om tegen de procedure van 'schijngenezingen via integratie' te zijn is, dat de mensen, die claimen geïntegreerd te zijn, helemaal geen altenpersoonlijkheden gehad hoeven te hebben. Er is hier iets heel anders aan de hand. Ten eerste is het zo, dat zij labiel waren en suggestibel. In het pastorale contact met 'Thornberg-volgelingen' is hen gesuggereerd, dat zij alterdelen hadden (en soms dat zij als kind ritueel misbruikt waren). Vervolgens zijn ze 'doorgebeden', waarna er zogenaamd een integratie plaats vond. In feite viel er niets te integreren, want er was bij hen van het begin af aan helemaal geen sprake van MPS. Hun 'genezing' is dan ook helemaal geen teken van Gods almacht. Het is slechts een verwarrende vertoning, waar niemand iets mee opschiet. Aan de werkelijke problematiek van deze mensen is niet gewerkt.

Omdat de 'schijngenezingen' in de gemeente ook nog met veel tamtam gepresenteerd worden, krijgen de echte 'DIS-ers' nog eens ingepeperd, dat zij helaas niet geïntegreerd zijn. Dit is voor hen heel pijnlijk, want natuurlijk waren zij ook graag in een vloek en een zucht van hun klachten af. Zij voelen zich in de gemeente nog eens extra onbegrepen en uitgestoten, en moeten aan de zijlijn toekijken, hoe de nagebootste DIS-ers profiteren van alle aandacht en privileges, die ze krijgen op grond van het 'wonder, dat God heeft gedaan.'

Weest waakzaam!

Wat doen we hier nu aan? Ik denk dat we van deze gang van zaken het volgende kunnen leren. In de christelijke gemeenten zitten er onder het gehoor mensen, die last hebben van psychiatrische stoornissen. Lang niet iedere psychiatrische patiënte in de gemeente zal last hebben van MPS. Het vergt vakkennis om hierbij echt van onecht te onderscheiden. Zowel de psychiatrische patiëŽnt als de pastoraal werker kan echter geheel suggestibel zijn. En psychiatrische patiënten, die suggestibel zijn, kunnen zich gaan inbeelden dat ze genezen zijn van een stoornis, die ze nooit hadden. In sommige gemeenten krijgen ze extra aandacht, als ze claimen ergens van genezen te zijn, want dan mogen zij speciale taken gaan vervullen. In een dergelijk klimaat is het in je eigen belang als je beweert op wonderbaarlijke wijze te zijn genezen, ook als je ergens wel weet, dat het niet zo is.

Vooral voor mensen, die als kind verwaarloosd werden en die snakken naar liefde en aandacht, zal dit een grote verleiding zijn. Nog mooier is het dat je, door te claimen van iets ergs (MPS) te zijn genezen, zelf nergens meer moeite voor hoeft te doen. Als je toch al niet bereid was om hard te werken aan je eigen genezing, en als je er geen zin in had om de lange moeizame weg van traumaverwerking en psychotherapie te gaan, dan is het wel gemakkelijk als er opeens een toverformule blijkt te bestaan, waardoor je van alles af lijkt te zijn.

De pastoraal werkers, die zulke mensen 'helpen', doen dat vaak met de beste bedoelingen en geheel te goeder trouw. Als goede christenen waren ze tegen het gebruik van hypnose en meenden ze oprecht, dat er van de kant van God iets wonderbaarlijks tot stand gebracht was door hun toedoen. Beide partijen zijn hierbij echter ernstig misleid.

Nu is dit in de psychiatrie al heel lang bekend. De bedoeling van dit artikel is om beide partijen hiertegen te waarschuwen. In een overzichtsboek over de geschiedenis van de psychiatrie beschrijft Ellenberger, dat er vaak onderschat werd, hoe het geheime leven van de gehypnotiseerde persoon op de hypnotiseur (in dit geval is dat dus de pastoraal werker, die in alle onschuld in de rol van hypnotiseur stapt) een speciale aantrekkingskracht kan hebben.

"Onwillekeurig suggereerde de hypnotiseur meer aan de patiëŽnt dan hij dacht te doen en gaf de patiënt de hypnotiseur meer terug van wat de laatste in het geheim hoopte. Zo kon zich een proces van wederzijdse suggestie ontwikkelen. De geschiedenis van de dynamische psychiatrie wemelt van de meest fantastische mythen en romances, die zich konden ontwikkelen door de onbewuste samenwerking van hypnotiseur en gehypnotiseerde. (...) Toen men zich steeds meer met hypnose inliet, raakte menig onderzoeker de weg kwijt en werd hij tot een speelbal van een bedrieglijk Fata Morgana" (Ellenberger, 1970, pag 120)

Het zal duidelijk zijn dat het niet Gods bedoeling is dat wij ons laten verwarren. Laten wij dan ook nuchter en waakzaam blijven. De lezer weet wel waarom!

Dr. Francine Albach januari 1998

Literatuur:

Bambridge, T. (1993) Hypnotism investigated - Chichester, New Wine Press
Boon, S en Draijer, N (1995) Screening en diagnostiek van dissociatieve stoornissen. Lisse. Swets & Zeitlinger
Ellenberger, H.F. (1970) The discovery of the unconscious. The history and evolution of dynamic psychiatry. New York, Basic Books
Feller, G. (1995) Tovenaars van de 20ste eeuw, Gezondheid en de 'new age'; Hoornaar Gideon
Friesen. J.G. (1992) Uncovering the mystery of MPD. Its shocking origins, its surprising cure. San Bernadino, Here's life publishers
Huber, M. (1997) Meervoudige persoonlijkheden Een handboek voor overlevenden van extreem geweld. Amsterdam. Uitgeverij Wereldbibliotheek
Putnam,F.W. ( 1989) Multiple personality disorder. New York. Guilford Press
Thornberg K. (1994) Victory over spiritual conflict. A seminar by Ken Thornberg. Boise Idaho, Freedom Encounters
Wilson, S.C. en Barber, T.X. (1983) The fantasy-prone personality: implications for understanding imagery, hypnosis, and parapsychological phenomena. In Sheikh. A.A. Current theory, research, and application. New York, Wiley

PERSONALIA

Dr. Francine Albach is christen-psychologe. Ze heeft in Amsterdam een eigen praktijk voor getraumatiseerde vrouwen en vrouwen met MPS, 'Soli Deo Gloria'. Zij promoveerde in 1993 aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schreef verschillende boeken en artikelen over de behandeling van getraumatiseerde vrouwen.


Share:Del.icio.us!Facebook!Google!Live!Yahoo!

Categorie: Virtualiteit en occultisme