Is het schadelijk om kinderen over de hel te vertellen?

Inleiding

"Godzijdank, heb ik nog nooit persoonlijk ervaren hoe het is om echt en oprecht en diep in de hel te geloven", schrijft de bekende atheïst dr. Richard Dawkins, "maar ik denk dat het aannemelijk kan worden gemaakt dat zo'n diepgeworteld geloof ertoe zou kunnen leiden dat een kind er een langduriger mentaal trauma aan overhoudt dan aan een lichamelijke mishandeling” (1). Dawkins acht het waarschijnlijk dat uit onderzoek zou blijken dat een dergelijk geloof schadelijker is dan het seksuele misbruik dat hij als kind heeft ervaren.

Is het verkeerd (schadelijk) om kinderen over de hel te vertellen? Hoewel het zo is dat bepaalde manieren om kinderen over de hel te vertellen onder de categorie ‘misbruik’ vallen, lijkt Dawkins erop te wijzen dat elk geloof in de hel wezenlijk gevaarlijk is voor het mentale welzijn van een kind. Deze verklaring weerspiegelt toch wel iets van de tijdgeest. Immers als mensen worstelen wij met het concept van de eeuwige verdoemenis, en ervaren het als iets waarbij wij als moderne mensen ons zeer ongemakkelijk voelen. Denken over het concept van een hel in termen van impact op de geestelijke gezondheid, is hiervan een indicatie. Je zou kunnen zeggen dat onze geest meer dan ooit op aardse dingen is gericht; we kunnen onze mentale gezondheid behouden, maar onze onsterfelijke ziel verliezen. Het is dus belangrijk om de bronnen van onze moderne afkeer voor het geloof in het bestaan van de hel te begrijpen, want deze maken deel uit van de bolwerken die kenmerkend zijn voor onze tijd. Door deze bronnen kritisch te onderzoeken, kunnen we leren hoe we kinderen het beste kunnen onderwijzen over de bijbelse leer over de hel, want (ondanks de afkeuring van Dawkins) als we onze kinderen niet over de hel vertellen, zou dát een ernstiger ‘misbruik’ zijn.

Dawkins’ eschatologie

Dawkins kan kinderen geen eschatologische oriëntatie bieden die voor de geest gemakkelijker is. Want is het ook niet een bron van mentale angst om te (moeten) geloven dat hun een onontkoombaar niet-bestaan ​​te wachten staat na de dood? De eeuwige kwellingen van de hel zijn inderdaad angstaanjagend, maar als ze in verband met het evangelie worden onderwezen, dan blijkt dat het mogelijk is om door dat evangelie van Jezus Christus volledig aan de hel te ontsnappen, in tegenstelling tot de zinloze vernietiging waarover het atheïsme spreekt. Daarom is het zo triest dat Dawkins het theïsme, het geloof in God, vergelijkt met een infantiele waan. Daarentegen prijst hij wel dit zinloze atheïsme omdat het volgens hem de mensheid in staat zou stellen 'de huilebalkfase te verlaten en eindelijk volwassen te worden' (2), ogenschijnlijk om deze onvermijdelijke toekomst van het niets en het zinloze tegemoet te kunnen treden. Je vraagt ​​je af hoe dit minder schadelijk zou kunnen zijn voor het mentale welzijn van een kind. 

Moderne barrières

Toch staat Dawkins niet alleen in zijn walging over en ongeloof in de hel en Gods laatste oordeel. Door de eeuwen heen hebben christenen geprobeerd deze te bagatelliseren of ronduit te ontkennen. De meest populaire moderne versie is Rob Bell’s boek Love Wins, waarin Gods rechtvaardige oordeel wordt opgeofferd aan een verkeerd begrip van Zijn liefde. Ingebed in Dawkins' zelfgenoegzame retoriek en, in mindere mate, de slechte exegese van mensen als Bell, zijn twee van de moderne veronderstellingen aanwezig, namelijk a) een blind vertrouwen in de menselijke vooruitgang en b) een onvoldoende besef van de ernst van zonde, die onze moeite met de hel veroorzaken.

In zijn boek ‘Every Thing You Ever to Know Know about Heaven, but Never Dreamed of Asking’, stelt Peter Kreeft dat een van de grootste belemmeringen voor het accepteren van de bijbelse leer van de hel, een irrationeel geloof in morele vooruitgang is. Het is misschien wel de meest dominante mythe van onze tijd, wat Kreeft noemt “ons algehele structurerende concept, onze ongefundeerde veronderstelling” (3). Het is verbazingwekkend dat deze mythe is doorgedrongen, gezien de wreedheden van de vorige eeuw. Desondanks blijven we ongelooflijk naïef over zonde en de gevolgen ervan. Kreeft zegt het bondig: "We zijn nog steeds net als de naïeve Chamberlain in München als het op de ziel aankomt" (4).

Wat dit geloof in vooruitgang drijft, is een valse overtuiging dat we meer dan in het verleden weten over wat goed is. We geloven niet langer in een bovennatuurlijke orde dat inhoudt dat zonde de mens vervormt en dat gerechtigheid de mens herstelt. In zijn boek The Reason for God merkt Tim Keller op dat de Ouden geloofden dat "als je die metafysische orde schond, er even ernstige gevolgen waren als wanneer je de fysieke realiteit schond door je hand in een vuur te steken" (5). Moderniteit keert dit principe om met zijn opvatting dat de natuurlijke wereld alles is wat er is, en dat het kan worden aangepast aan onze wensen en verlangens.

Tegenwoordig hebben we de neiging om afkeer te hebben van elke uiting van schaamte, alweer uit bezorgdheid voor onze geestelijke gezondheid. Barmhartigheid en vergeving worden benadrukt door het verwaarlozen of negeren van andere deugden, zoals gerechtigheid en rechtvaardigheid. Zeker, in onze cultuur lijkt het er vaak op dat barmhartigheid en rechtvaardigheid niet kunnen samengaan. Deels komt dat omdat we niet langer een beroep doen op de bovennatuurlijke orde die wél wijst op het kunnen samengaan ervan. De deugden worden afzonderlijk gezien. Ze dwalen rond in onze wereld en brengen schade toe, zoals G.K. Chesterton opmerkte, omdat we niet langer een objectief middel hebben waarmee we hun essentie kunnen begrijpen. “Zo geven sommige wetenschappers om waarheid; en hun waarheid is meedogenloos”, schrijft Chesterton, “en sommige menslievende personen bekommeren zich alleen om medelijden, maar hun medelijden ... is vaak onwaarachtig” (6). Dit creëert een gebrekkig beeld van zowel goed als kwaad en van hun relatie met elkaar.  Zo mogen we ook niet het misbruik van Dawkins dat hij onderging bagatelliseren. 

Om de realiteit van de hel te begrijpen, moeten we de mythe van vooruitgang weerstaan ​​en ons realiseren dat onze visie op goedheid verduisterd is, vooral met betrekking tot onszelf. Kreeft herinnert ons eraan dat zelfs de grootste heiligen nooit hun diepe zondigheid en de verschrikkelijke toestand van hun ziel, los van Christus, hebben bevestigd. “Denken we dat we meer dan zij weten over 'het mysterie van de ongerechtigheid?’” vraagt ​​Kreeft (7). Net zoals “Socrates, de wijste man, weet dat hij niets weet” (8), weten de besten onder ons dat ons “hart bedrieglijker is dan alle dingen” (9).

Het onderwijzen van kinderen

In het licht van deze valse aannames, hoe moeten we onze kinderen over de hel vertellen? Een goede bijbelse onderwijzing over Gods karakter als de bron van alles wat goed is, is essentieel om de hel te begrijpen. Kinderen moeten een diep besef krijgen van alle aspecten van Gods eigenschappen zodat ze de gevolgen van het afwijzen van Hem kunnen begrijpen. De hel mag nooit los worden besproken van een beeld van wie God is, zoals het beste is getoond in Jezus, die "het beeld is van de onzichtbare God, de eerstgeborene van de hele schepping" (10).

Wat Jezus leerde

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, is het felle oordeel van God uit het Oude Testament ook aanwezig in het Nieuwe Testament, maar die zien we regelmatig in onderricht van Jezus. We zijn geneigd dit te vergeten, vooral gezien het feit dat de kerk de neiging heeft om Zijn genade te benadrukken boven Zijn gerechtigheid. Chesterton schrijft dat deze nadruk “is geïnspireerd door een perfect klinkend populair instinct”, want “de meeste armen hebben het heel moeilijk en de meeste mensen zijn arm, en voor de massa van de mensheid is het belangrijkste om overtuigd te zijn van het onvoorstelbare mededogen van God” (11). We zien dit mededogen in de evangeliën. Toch is dit niet alles wat we zien. Behalve dat Jezus de zieken genas, voor de armen zorgde en in "bijna hartverscheurende schoonheid Zijn medelijden met onze gebroken harten" uitdrukte, was het ook de bedoeling van Jezus om het kwaad in die harten aan het licht te brengen (12).

Het laatste oordeel is een thema waar Jezus keer op keer over sprak, en Hij schilderde het lijden van degenen die Hem afwezen als allesbehalve zachtzinnig. Hoewel Hij metaforen gebruikte om de hel te beschrijven, dienen deze alleen om het onbegrijpelijke ervan te vergroten in termen van wat we hier en nu weten. Hij beschreef het als vuur, duisternis en eeuwige uitsluiting uit Gods aanwezigheid. Hoewel de precieze details beperkt zijn, zijn ze voldoende om duidelijk te maken dat het een ​​plaats is van pijniging en vernietiging. Deze harde leringen kunnen niet los worden gezien van Zijn hele missie, want “het belangrijkste dat Hij ging doen, was sterven” om ons een ontsnapping te bieden (13). De hel is onlosmakelijk verbonden met Zijn Kruis.

Praktische suggesties

Verbeeldingsvolle betrokkenheid is hierbij onmisbaar omdat het ons helpt om meer abstracte doctrines van het geloof uit te werken. Het heeft hier een enorme waarde om kinderen te leiden naar een echt begrip van de zelfopgelegde aard van de hel en de gevolgen van het afwijzen van God. Dit is ongetwijfeld wat Jezus deed in al Zijn gelijkenissen over de hel. Het boek De laatste strijd van C. S. Lewis biedt voor jonge kinderen een heldere kijk op zonde, oordeel en het hiernamaals, terwijl de meer complexe thema's van zijn boek De grote scheiding vooral door oudere tieners. kunnen worden aangepakt

Verbloem de verontrustende aspecten van de hel niet voor uw kinderen, maar nogmaals, bespreek het altijd binnen de context van het goede nieuws. Het is het beste dat uw kinderen in een veilige omgeving over de hel te horen, en dat ze in het gesprek de vrijheid hebben om vragen te stellen. Afhankelijk van de leeftijd van het kind moeten de gruwelijke details van de hel gedoceerd en gedoseerd worden. Bespreek de verschillende metaforen die Jezus op een leeftijdsgeschikte manier met uw kinderen gebruikt, waarbij u de discussie altijd binnen het kader van al Gods eigenschappen houdt, dus zowel Zijn gerechtigheid als Zijn goedheid, barmhartigheid en liefde. Bereid ze voor op uitspraken zoals die van Dawkins, want daarin zitten de verborgen vooronderstellingen van onze cultuur die ze zeker zullen tegenkomen. Help ze hier op een heldere en betrokken manier over na te denken.

Een vraag die zich waarschijnlijk zal voordoen, betreft het lot van ongelovige vrienden. Kreeft noemt dit het probleem van de precieze ‘bevolkingsstatistieken’ van de hel, en merkt op dat Jezus ons deze niet geeft, behalve dat hij ons waarschuwt: "wijd is de poort en breed de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die daardoor ingaan” (15). We kunnen onze kinderen vertellen dat de realiteit van de hel de noodzaak van het evangeliseren onderstreept. Het is niet de wil van de Heer dat iemand verloren gaat, en Hij verheugt zich over het vinden van een verloren schaap  (16). Tot slot moeten we kinderen leren dat de hel niet een plaats is waar we onverwachts in terecht komen, en dat we dan hopeloos vast komen te zitten. Nee, het is een plek waar mensen terechtkomen die hun leven lang “nee!” tegen God hebben gezegd. De gruwelijke omstandigheden in de hel zijn door henzelf veroorzaakt.

Hel en het kruis

Spreken met kinderen over de realiteit van hel zonder te wijzen op de gave van redding door Jezus Christus zou inderdaad verkeerd en zelfs schadelijk zijn. Wat nog belangrijker is, het zou niet eens waar zijn. In Christus zijn onze Rechter en onze Verlosser één. In tegenstelling tot Dawkins kunnen en mogen we niet vergeten dat Degene die in zulke duidelijke metaforen sprak over de kwellingen van de hel, ook Degene is die eet met belastinginners en zondaars, ons aanbiedt om onze lasten te dragen en ons met de meest geruststellende woorden stimuleert om moed te vatten en niet bang te zijn. Onze rechter huilde als een moeder die huilt om haar kinderen over Jeruzalem, een stad die Hem slechts een paar dagen later zou veroordelen als een misdadiger die gekruisigd moest worden. Met betrekking tot kinderen noemt Onze Rechter enkele van Zijn hardste uitspraken voor de persoon die de kinderen tot zonde verleidt: “Het zou beter voor hem zijn om een ​​grote molensteen om zijn nek te laten bevestigen en te verdrinken in de diepte van de zee” (17). 

De Bijbel geeft aan dat wij als mensen de vrijheid hebben om ons aan Gods morele orde te houden, maar ook de vrijheid om die te kunnen schenden. Thomas C. Oden merkt op dat "de leer van de hel recht doet denken aan de waarde en waardigheid van de menselijke vrijheid en de hoge kosten van het misbruiken ervan" (18). Het wijst ook op de hoge prijs van het offer van onze Heer aan het kruis. We zien dan dat de realiteit van de hel zo verweven is met het evangelie dat het proberen om het te verwijderen noodzakelijkerwijs de hele gave teniet doet. C. S. Lewis beschreef deze spanning in zijn boek Het probleem van pijn toen hij schreef: 'Er is zoveel genade en toch is er de hel” (19). In het boek van C.S. Lewis zegt Beaver over Aslan tegen de kinderen nadat ze Narnia waren binnengekomen: “Wie heeft er iets gezegd over veilig? Natuurlijk is hij niet veilig. Maar hij is goed. Hij is de koning, zeg ik je” (20)

Auteur: Rebekah Valerius is studente in het MA Cultural Apologetics-programma aan de Houston Baptist University en maakt deel uit van het Mama Bear Apologetics Ministry-team. Ze is moeder en geeft thuisonderwijs aan twee kinderen.

Vertaling: Piet Guijt

Literatuur

  1. Richard Dawkins, “Physical Versus Mental Child Abuse,” Richard Dawkins Foundation, January 1, 2013, https://www.richarddawkins.net/2013/01/physical-versus-mental-childabuse/.
  2. Richard Dawkins, “Thought for the Day,” BBC Radio, January 2003, quoted in Alister McGrath, The Dawkins Delusion? (Downer’s Grove, IL: 2007), 19.
  3. Peter Kreeft, Everything You Ever Wanted to Know about Heaven, but Never Dreamed of Asking (San Francisco: Ignatius Press, 1990), 226.
  4. Kreeft, Everything, 226.
  5. Tim Keller, The Reason for God, (New York: Dutton, 2008), 71.
  6. Chesterton, Orthodoxy (Peabody, MA: Hendrickson Christian Classics, 2006), 26.
  7. 2 Thess. 2:7, quoted in Kreeft, 223.
  8. Chesterton, The Everlasting Man (Tacoma, WA: Angelico Press, 2013), 176.
  9. 17:9.
  10. 1:15.
  11. …….
  12. Chesterton, The Everlasting Man, 161.
  13. Chesterton, The Everlasting Man, 161.
  14. Chesterton, The Everlasting Man, 178.
  15. 7:13.
  16. Luke 15:7.
  17. 18:6.
  18. Thomas C. Oden, Classic Christianity (New York: HarperCollins, 1987), 829.
  19. Lewis, The Problem of Pain (San Francisco: HarperCollins, 2001), 121.
  20. Lewis, The Lion, the Witch and the Wardrobe (New York: HarperCollins, 1978), 81.

Zie ook: https://stichting-promise.nl/bijbelstudie-geestelijke-kennis/de-hel-helpen-verhelderen.htm 


Share:Del.icio.us!Facebook!Google!Live!Yahoo!

Categorie: Opvoeding