Onze tijdgeest.

apologdoor Piet Jonkers  Reveil is een ontwaken uit de roes van het slaafs achter de goden van deze tijd aanrennen, tot een radicale in- en omkeer komen, terugkeren naar de God van Israël en dan kruisdragend achter Jezus aan gaan met de Grote Opdracht als levenstaak. Reveil heeft meer dan alleen losse individuen op het oog; in de Grote Opdracht wordt over 'volken' gesproken.

In mijn beleving zijn de jaarlijkse, door de Near East Ministry georganiseerde Reveilweken echter in de loop van de jaren steeds meer geworden tot een vluchtheuvel voor door de tijdgeest opgejaagde, beschadigde en kapotte mensen. We bieden een week aan vol enthousiasme en heling, een week om even op adem te komen in de ratrace van het leven en waarin je kunt opladen om er weer tegenaan te gaan. Werken we echter nog wel actief aan Reveil? Of zijn we steeds meer een exponent aan het worden van de christelijke variant van de moderne tijdgeest die heel andere dingen nastreeft dan een terugkeer naar de God van Israël? En wat betekent terugkeren naar God? Wat is ons diepere doel, als we zo’n terugkeer überhaupt al zouden nastreven? Teun van der Leer zei tijdens zijn voordracht op de laatste Reveilweek het volgende over het gedachtengoed van Donald Bloesch, een Amerikaanse evangelische theoloog:

Onze spiritualiteit is meer ego-centrisch dan theo-centrisch. We zijn meer gericht op het cultiveren van liefdevolle ervaringen dan op het tonen van de kracht van de liefde door zelfopofferende dienst aan onze naaste. Het moderne evangelicalisme heeft zich jammer genoeg aangepast aan onze therapeutische maatschappij die persoonlijke vervulling tot het een en al van het menselijk bestaan heeft gemaakt. Bloesch noemt dit een 'eros-spiritualiteit' die bestaat uit 'het verlangen om God en zijn zegeningen te bezitten' en die staat tegenover een 'kruis-spiritualiteit' die bestaat uit 'bereidheid om God en de naaste te dienen'. In dit verband neemt hij zelfs het woord 'evangelisch debacle' in de mond: 'een gecompromitteerde kerk die niet langer gebaseerd is op de heldere boodschap van de Schrift maar op het vleselijk verlangen voor een aangenaam leven onder de zon'. En dan eindigt hij met de oproep: 'We hebben opwekking nodig, maar ook reformatie: een fundamentele verandering in onze prioriteiten en ons gedrag'.

Hebben Teun van der Leer en Donald Bloesch een punt? Om die vraag te kunnen beantwoorden wil ik wat gedachten over de geestelijke ontwikkelingen in ons land op een rij zetten, m.a.w. ik wil graag wat nadenken over de tijdgeest. 

Waarschuwing vooraf (belangrijk!)

In het onderstaande gedeelte probeer ik ontwikkelingen en tendensen in de westerse en dus ook Nederlandse samenleving te ontdekken en te duiden. Het gevaar bestaat dat je als lezer meteen afhaakt als je deze ontwikkelingen en tendensen niet zo ziet of anders duidt. Ik wil je vragen om even geduld met me te hebben en een poging te wagen om me tot het einde toe te volgen. Zeg niet meteen: "ja, maar, ik zie toch ook heel andere dingen gebeuren". Inderdaad, een samenleving is een zeer complex organisme waarin allerlei zaken, krachten en (historische) gebeurtenissen elkaar continu onderling bevruchten, voortbrengen, uitdrijven en beïnvloeden. Mijn doel is echter niet om een uitputtende, complete en correcte beschrijving van de Nederlandse samenleving te geven. Ik ben op zoek naar de onderliggende drijvende krachten en tendensen die van belang zijn voor de doelstellingen en de aanpak van de Reveilweken. En denk eraan: tendensen zijn tendensen, het zijn geen keiharde, vaste regels die altijd en overal door iedereen in de samenleving gevolgd worden. Voorthuizen is niet Spijkenisse en de Gereformeerde Gemeenten in Ned. zijn iets anders dan extreem charismatische Pinkstergemeentes. Toets mijn zoektocht naar het ontdekken en duiden van de krachten en tendensen allereerst op relevantie en niet zozeer op algemene geldigheid en volledigheid.

The Times They Are a-Changin'

Het zal niemand ontgaan dat de Nederlandse samenleving in een rap tempo verandert. De veranderingen op geestelijk gebied zijn daarbij nog ingrijpender dan die op materieel gebied. Het aantal gevallen van zelfdoding onder jongeren stijgt gestaag. Burn-out was tot voor kort veelal voorbehouden aan twijfelmoedige veertigers die door hun leeftijd tegen de betonnen muur van de onhaalbaarheid van hun dromen aan liepen, nu zie je ook steeds grotere aantallen twintigers afbranden en de eerste gevallen van burn-out onder middelbare scholieren dienen zich al aan. Tot ver in de jaren 80 was het een taboe om kinderen te slachtofferen bij een echtscheiding. De film “Kramer vs. Kramer” uit 1979 eindigt met een scene waarin zowel de moeder als de vader afzien van verdere rechtszaken om het kind te sparen. Na de millenniumwissel nemen echter "vechtscheidingen tot het bittere einde" hand over hand toe, ongeacht wat de kinderen daarmee te verduren krijgen. Verder hoor je van veel mensen dat het leven steeds gejaagder en hectischer wordt. De druk en de zinloosheid nemen toe. Waar komen deze veranderingen vandaan, wat is hun oorsprong, hun brandstof en hun voedingsbodem? Ik probeer een aantal ontwikkelingen en tendensen te ontdekken.

1) ‘Just me, myself and I’

Heel tekenend voor deze tijd is het extreme tempo waarin een bepaalde vorm van individualisering zich aan het voltrekken is. Mensen zijn steeds meer individuele bubbels aan het worden die rondzweven in een gezamenlijk continuüm waarin doorlopend opportunistische groepsvorming ontstaat en weer verdwijnt. Mensen klikken hun bubbel vast aan andere bubbels al naar gelang het hen op een bepaald moment goed uitkomt en voordeel biedt. Zodra de utiliteit van de gemaakte verbinding wegvalt koppelt men al snel weer los en gaat men al zwevend op zoek naar nieuwe mogelijke verbindingen. Het individu dat "zijn ding wil doen" staat steeds meer centraal, de groep is er dan alleen nog maar om "het doen van je ding" te faciliteren. Een aantal voorbeelden van tendensen in de maatschappij en binnen het christendom die het gevolg zijn van deze ontwikkeling:

  • Organisaties die van vrijwilligers afhankelijk zijn krijgen het steeds moeilijker. Mensen die jarenlang trouw en onvoorwaardelijk dienen worden zeldzamer en "je voor langere tijd vastleggen" is een groot schrikbeeld geworden.
  • Steeds meer huwelijken stranden. Het idee dat het in een huwelijk de bedoeling is dat je de ander gelukkig maakt verdwijnt in rap tempo. Werd er bij scheiding tot voor kort nog vaak over de kinderen gevochten, nu hoor je al de eerste verhalen dat geen van beide ouders de kinderen nog wil.
  • De stijging van het aantal "doe-het-zelvers" in de ontwikkelingshulp. Niet meer via een organisatie want "het geld blijft toch maar aan de strijkstok hangen", maar zelf rechtstreeks de weeskindertjes in India helpen. Dat je daarbij door een volkomen gebrek aan kennis van de lokale situatie en cultuur vaak heel veel schade aanricht is niet belangrijk. "Ik wil gewoon mijn ding doen". Opkomst van het "weldoen-toerisme". Geen zelfopofferende inzet meer voor de lange termijn maar wel "twee weken voetballen met de kindertjes in Ghana".
  • De opkomst van het "supermarktgeloof". "Als deze kerk mij niet meer bevalt dan ben ik weg" en "Het zei mij niets meer". De kerk wordt steeds meer bezien door consumenten die een eenzijdige service verwachten.
  • De stijgende populariteit van Opwekkingsliederen waarin heel vaak de woorden "ik" en "mij" centraal staan. De afnemende belangstelling voor Psalmen, behalve voor die lofpsalmen waarin het individu centraal staat.

2) Het verdwijnen van een overkoepelende transcendente dimensie

De moderne mens wil alleen nog maar geloven in materiële en/of meetbare zaken en in het hier en nu. Een gevolg daarvan is dat alles uit het huidige leven moet worden gehaald, je leeft tenslotte maar één keer: ‘You Only Life Once (YOLO)’. "Live life to the max" en "I want it all and I want it now". Je moet daarbij ook alles uit jezelf halen, cursus na cursus na opleiding wordt gevolgd. Dit leidt bij veel mensen uiteindelijk vaak tot een opgejaagd leven. De moderne jongere staat ook enorm onder druk omdat we in een tijd van onbegrensde mogelijkheden leven. Als je dus niet alles uit dit leven en uit jezelf haalt moet je dat wel aan jezelf te wijten hebben. De combinatie van "Live life to the max", "I want it all and I want it now" en de "Just me, myself and I" bubbel zet mensen onder een enorme druk. Het aantal jongeren met burn-out loopt dan ook in een rap tempo op terwijl de leeftijd hiervoor daalt.

Yuval Harari geeft in zijn boek Sapiens een interessante beschouwing over de rol van religie in het "succes" van het menselijk ras. "Succes" tussen aanhalingstekens, want het "succes" van de homo sapiens bestaat voor een niet onbelangrijk deel uit het uitroeien en/of martelen van vele andere levensvormen waar wij de aarde mee delen (/ deelden) en het in slechts enkele generaties verbrassen van de meeste grondstoffen die de aarde biedt. Volgens Harari creëert religie een virtuele, niet bestaande werkelijkheid waar mensen gezamenlijk in geloven en zorgt er zo voor dat mensen die elkaar niet kennen en die elkaar normaal gesproken niet zouden vertrouwen toch heel effectief kunnen samenwerken. Onder invloed van de "individu-bubbel" verandert het karakter van religie in een hoog tempo. Religie wordt een service item dat ten dienste moet staan van het individu. Moderne religies zoals Apple, met Steve Jobs als messias, slagen er heel goed in om het individu de religie te laten dienen terwijl het individu tegelijkertijd het gevoel heeft dat hij of zij bediend wordt. Klassieke religies zoals het christendom hebben in het Westen veel meer moeite om hun discours om te katten om in de moderne tijd succesvol te blijven.

Een voorbeeld van het veranderen van het karakter van het moderne westerse christendom is het langzaamaan verdwijnen van de concepten lijden, offeren en kruis-dragen. Zoals gezegd is er in de huidige leefsfeer steeds meer nadruk op het hier en nu en op materiële zaken. Het leven moet goed, gaaf, compleet en opwindend zijn. Het moet allemaal wel leuk blijven en als het even tegenzit moet God er voor mij zijn. God wordt daarmee een soort butler of wegenwacht die als taak heeft om er op de achtergrond voor te zorgen dat alles soepel verloopt en op zijn pootjes terecht komt maar die zich verder niet met mijn leven mag bemoeien.

3) Iedereen rechten, niemand plichten; iedereen slachtoffer, niemand verantwoordelijk

Het liberaal humanisme is in de loop van de jaren steeds meer de "de facto" religie van de moderne tijd geworden. De mens wordt het centrum van alle zingeving en neemt daarmee de plaats in die God vroeger had. Een vreemd gevolg van deze ontwikkeling is dat geestelijk gesproken de mens steeds minder verantwoordelijkheid voor zijn daden neemt. Omdat de mens steeds meer het centrum van het heelal werd werden er aan hem/haar steeds meer rechten toegekend: de rechten van de mens. Deze beweging ging echter niet gepaard met een gelijktijdige ontwikkeling van haar pendant: de plichten van de mens. Verder zit het liberaal humanisme in een rare spagaat voor wat betreft het probleem van het kwaad in de wereld. Hoe kan er zoveel kwaad in de wereld zijn als de mens, die in zijn visie toch van nature goed is, de maat voor alle dingen is geworden? Hoe kan deze “god” zo falen? Het kan toch niet aan “god” liggen? Het gevolg is dat de individuele mens bij voorkeur als slachtoffer wordt afgeschilderd. Het kan niet aan hem/haar liggen. De schuld ligt bij de maatschappij, het kapitaal, de structuren, de overheid, de dictatuur of waar dan ook, maar zeker niet bij de individuele mens. Iedereen is slachtoffer, maar wie is daar dan verantwoordelijk voor?

Binnen het christendom zie je deze maatschappelijke tendens terug in het volledig verdwijnen van het zondebesef in de klassieke zin van het woord. Dat de mens leeft voor het aangezicht van een rechtvaardig oordelende en heilige God wordt misschien met de mond nog wel beleden maar leeft in de praktijk nauwelijks meer. God is er vooral om je te troosten in je slachtoffer-zijn. Onder de oppervlakte leven er bij de individuele moderne mens nog steeds wel heel veel schuldgevoelens, de westerse cultuur is immers een schuldcultuur. Die onderliggende schuldgevoelens zijn echter vaak heel moeilijk te duiden omdat ze meestal nogal onbestemd zijn. De concrete notie van de mens als “zondaar voor God” is echter zo goed als volledig verdwenen.

Waar we steeds weer naar verlangen is REVEIL! Wakker worden dus om terug te keren naar God, Die Zich openbaart in Zijn Woord. Laat de Heilige Geest als een frisse wind weer waaien.

Houten, 1 februari 2019,

Piet Jonkers

Piet Jonkers (1955) is van oorsprong natuurkundige, heeft als zendeling gewerkt in Peru en woonde lange tijd in Zwitserland. Van 2014 – 2018 vormde hij, samen met zijn vrouw Alice, de veldleiding van de Near East Ministry (NEM) in het Midden-Oosten. Sinds 2018 is hij directeur van de NEM. Voordat hij als veldleider naar het Midden-Oosten werd uitgezonden studeerde Piet een aantal jaren Arabische Taal en Cultuur aan de Universiteit van Utrecht.

Categorie: Specifieke pastorale onderwerpen