Virtuele verleiders

Virtuele verleiders,
Een lezing over virtualiteit die via imaginatie een toegangspoort van irrealiteit en het occulte kan zijn. Een lezing van Gerard Feller gehouden voor de interkerkelijke werkgroep ‘Bijbel of New Age’ opgetekend door drs Piet Guyt)
Inleiding
Als fysiotherapeut, ben ik vooral werkzaam op het gebied van de psycho-somatiek waarbij relaties worden gelegd tussen lichamelijke klachten en geestelijke, en psychische achtergronden. Dat wordt ook meer het verklaringsmodel van niet-christenen, waar het reductionistisch model wordt vervangen door het denken in relaties in de mens. Bij het diagnosticeren van de geestelijke gezondheid is het echter wel van zeer groot belang dat men de goede, bijbelse uitgangspunten hanteert. In de praktijk ben ik ook bezig met mensen met chronische klachten, met trauma ’s door geweld en seksualiteit. Daarnaast doe ik ook pastorale therapie om diverse zaken te integreren, zodat je verder kunt gaan dan andere hulpverleners doen. Een recent boek van mij is: “Heel de mens. Bijbels Holisme in de Gezondheidszorg”. We zoeken naar een goede balans tussen dingen die je als christen afwijst, en het ontwikkelen van goede alternatieven.)
In de praktijk krijg je veel te maken met mensen die in een waan, in een andere realiteit, leven. Veel mensen leven in een schijnwereld waarin ze gevlucht zijn met alle psychiatrische problemen van dien zoals: angsten, fobieën, depressies, (dwang)neuroses, schizofrenie of m.p.s. (meerpersoonlijkheidsstoornis.). Alle schijnbare en maakbare realiteit zal hen verder in een antichristelijke wereldgeest doen vluchten of verder splijten in hun menselijke persoonlijkheid. Maar ook bij ‘normale’ burgers kom het leven in een waan meer en meer voor.
Christenen en realiteit
Wat is het realiteitsbesef van mensen? Laten we beginnen met christenen. Zij zijn volgens Kurt Blatter gecompliceerde mensen, want zij leven in twee realiteiten, namelijk de geestelijke en de aardse realiteit. Aan de ene kant belijd je als christen veel dingen, bijv. je zegt dat je rein bent in Christus, dat je in de hemel wandelt en dicht bij de Heer leeft. Maar in de aardse realiteit kom je onvolkomenheden tegen, en dat komt in botsing met wat wij als gelovigen belijden. Er is sprake van een zeker spanningsveld met de realiteit. Wat je nu vaak ziet is dat er vluchtgedrag ontstaat. Soms slaat de weegschaal door naar de geestelijke realiteit, en dan zie dat mensen overgeestelijk worden. Men praat over de Heer die veelvuldig tot hen spreekt, maar het heeft echter geen effect op hun aardse verantwoordelijkheden in hun huwelijk, in hun werk, in hun rol in de maatschappij. Je krijg a.h.w. een soort schizofrene reactie. Men interpreteert de eigen leefwereld op een andere manier dan iemand anders dat zou doen. Bijv. men zegt dat de problemen komen door het feit dat we in de eindtijd leven, want we worden geestelijk enorm aangevochten. Uiteraard is dat voor een deel juist, maar je ziet vaak een afschuiven van eigen verantwoordelijkheden. Dat is geen goed getuigenis voor een christenleven. Niet-gelovigen zien duidelijk de onwaarachtigheid van een leven dat niet in overeenstemming is met de belijdenis, want zeker in de postmoderne tijd wordt niet alleen gelet op woorden maar ook op gedrag.
Men kan ook doorslaan naar de aardse realiteit. Men heeft het geestelijke leven zo goed als uitgebannen. Men leeft nauwelijks meer vanuit geloof. Men twijfelt eraan of men wel wedergeboren is, en of God er wel is, men belijdt elke dag dezelfde zonden, en men komt niet veel verder.
Inderdaad spreekt ook de Bijbel van een spanningsveld. De mens is nog niet volmaakt. We mogen streven naar heiliging en groei in het geloof, maar er moet een bijbelse balans zijn. Wij moeten daar ontspannen mee leren omgaan binnen de leiding van de Heilige Geest.
(Post) modernisme en realiteit
Hoe formuleert het modernisme de realiteit? De waarheid, de realiteit is een beschrijving van datgene dat bestaat, en een leugen omvat iets dat niet bestaat. Het postmodernisme, dat je filosofisch relativisme zou kunnen noemen, zegt dat de waarheid subjectief is, afhankelijk van de cultuur en de perceptie van de mens. Werkelijkheid is wat voor jou werkelijkheid is. Er is geen objectieve norm, het normbesef is relatief. Er is geen zonde, er is geen verlossing nodig, behalve zelfverlossing. Het postmodernisme is helaas ook in kerken doorgedrongen.
De bijbelse realiteit zegt, dat denkers van het postmodernisme in die zin hebben gelijk dat onze geest en onze woorden te begrensd zijn, en niet in staat om dingen die buiten onze ervaring en zintuigen liggen te bevatten. Daarom hebben we het Woord van God nodig, de Logos, het Levende Woord. Hebr. 11: 1 en 3 zegt: “Het geloof is de zekerheid der dingen die men hoopt en het bewijs der dingen die men niet ziet. Door het geloof verstaan we dat de wereld door Gods Woord tot stand is gebracht zodat het zichtbare niet ontstaan is uit het waarneembare”. Jezus zegt: “Ik ben de weg, en de waarheid en het leven” (Joh. 14: 6).
De boze probeert de mens vanuit de waarheid van Christus los te weken, en door het voorspiegelen van een andere werkelijkheid de mens in de irrealiteit te voeren, waar geen licht van God meer is. Mensen worden verleid een ander godsbeeld, een ander wereldbeeld, en een ander mensbeeld aan te nemen dan de Bijbel aangeeft. De hersenspoeling door de boze vindt vooral de laatste eeuw op grote schaal plaats. Denk bijv. aan Mao en de culturele revolutie. In zgn. anders-denkenden-boerderijen werden mensen gedepersonaliseerd. In onze maatschappij komen we invloeden van die andere realiteit tegen in de media, in de gezondheidszorg, in de cultuur, in de kunst, in de politiek. Mensen worden onbewust gemanipuleerd in hun denken. De boze probeert ook door middel van de virtualiteit de mens in de irrealiteit te voeren. Virtualiteit is de overgangswereld waarin de mens verleid wordt in te stappen in de demonische wereld. Deze wordt geregeerd door de heerser van deze eeuw, Satan. Hij imiteert de Gemeente Gods door sekten en new-age-netwerken. Zelfs probeert de boze een irreële christus, de anti-christ ten tonele te voeren.Het zal er op uitlopen dat de wereld deze super-virtuele christus, de anti-christ (anti = in plaats van Christus) zal aanroepen als het (virtuele) wereldklimaat hiervoor rijp is.
Bewustzijn en realiteit
Hoe gaat dat proces van het veranderen van het bewustzijn? Mensen moeten eerst ergens mee in contact komen (initiatie). Dat kan op een passieve wijze, maar ook door zelf actie te ondernemen, bijv. je stelt je onder behandeling van een occulte genezer. De volgende stap is verkennen of exploreren, waarna verinnerlijking en verwezenlijking plaatsvindt, en er ontstaat een andere levensvisie, een andere kijk op het leven, een ander bewustzijn.
Er zijn diverse bewustzijnsveranderende technieken, bijvoorbeeld hypnose, dat is een op trance of slaap gelijkende toestand van verlaagd bewustzijn, waardoor het kritische vermogen van het bewustzijn beïnvloed wordt, of beheerst door een andere macht of persoon. Daarbij spelen suggestie, stembeïnvloeding en het minimaliseren van het contact met je lichaam door psychische ontspanning een rol. Mensen kunnen tijdens hypnose geen goed onderscheid meer maken tussen werkelijkheid en waan, tussen wat ze zelf gedacht hebben en wat anderen hen hebben gezegd. Mensen kunnen door hypnose het idee krijgen dat ze sexuele trauma ’s hebben meegemaakt, omdat de therapeut dat als mogelijkheid had gesuggereerd. Men gaat bijv. sneller in reïncarnatie geloven als de hypnotherapeut de patiënt heeft meegenomen naar een zgn. vorig leven. Ook de wil wordt beïnvloed of gemanipuleerd. Mensen raken door hypnose gebonden aan een persoon, en komen onder een bepaalde macht te staan. Dat is tegen Gods wil, die de mens met een eigen vrije wil geschapen heeft. De perceptie van het verleden kan ook worden weggenomen of veranderd, zoals je ziet bij bijv. Rostelli. Mensen gaan zich dingen herinneren, die ze niet hebben meegemaakt. Dat komt ook voor bij mensen, die zeggen ontvoerd te zijn door zgn. buitenaardse wezens.
De Duitse psycholoog Jung, die een aanhanger was van het taoïsme, deelde het bewustzijn van de mens in in een bewust en een onderbewust deel. Dit kunnen wij allemaal door eigen ervaring beamen, bijv. het autorijden gebeurt deels automatisch vanuit het onbewuste. Immers je denkt niet bij elk handeling bewust na, of je doet of ervaart niet elke handeling bewust. Behalve het onbewuste onderscheidde Jung echter ook het zgn. collectief onderbewuste, namelijk dat in ieder mens de ervaringen en de kennis van het hele vorige geslacht van de mensheid opgeslagen was. Dat zou een enorm reservoir van allerlei informatie zijn, dat voor ieder mens beschikbaar zou zijn, mits ze daartoe op een bepaalde manier toegang zouden krijgen, bijv. door allerlei bewustzijnsveranderende technieken, zoals bijv. hypnotische trance, trance-inductie, auto-trance, metaforen, visualisatie (wat o.a. in het satanisme plaatsvindt), geleide fantasie (wat wordt gebruikt in therapie en in onderwijs), zweven (beslissen op basis van intuïtie), transcendente meditatie, emdr (eye movement desensitation and relaxation; de vraag wordt door sommigen gesteld of deze in dit rijtje thuishoort), Silva mind control (vaak op (zelf)hypnotische wijze toegepast), etc.. Het overgaan van de grens tussen het onbewuste en het collectief onbewuste is gevaarlijk, want het is binnengaan in de wereld van de duisternis van satan. We moeten dit collectief onbewuste wel goed onderscheiden van allerlei collectiviteiten, zoals we die in de maatschappij kennen, de mens als een sociaal, collectief wezen, die bijv. saamhorigheid kent.
N.L.P.
Het neuro-linguïstisch programmeren (NLP) (zie o.a. ‘Tovenaars van de 20ste eeuw’, pag. 266 t/m 277, en ‘New Age, esoterie en evangelie’ pag. 54 t/m 72) wordt gezien als een stuk gereedschap om aan het onbewuste van de mens te werken en mensen een andere perceptie te geven. Op zich is het uiteraard niet verkeerd om een perceptie kritisch onder de loep te nemen, en een verkeerd beeld te veranderen. Het probleem bij NLP is dat men werkt aan het onbewuste. Niet alleen is de taalbeheersing een belangrijk item, maar je kunt daarmee ook bepaalde typen mensen onderscheiden. Via trance probeert men door 'tijdlijn-analyse' buiten het lichaam te treden en de verkeerde dingen uit het verleden aan te passen of weg te halen, of de geschiedenis weer over te doen (change personal history). Men tracht zelfs onder trance de negatieve eigenschappen van de ouders repareren (reparenting) of de toekomst buiten het lichaam veranderen, eventueel zelfs in een volgend leven. (change personal future).
Dit doet onwillekeurig denken aan wat men met de computer doet door programma-elementen te ‘deleten’ en andere elementen ervoor in de plaats te zetten. De mens wordt dan als een soort computer beschouwd. En dan komt men al snel in de virtuele, imaginaire, denkbeeldige, wereld. De mens zou zichzelf willen modelleren, bijv. volgens de eigenschappen van Einstein. Men zou de geest van Einstein kunnen aanroepen, maar dan kom je terecht op het demonische gebied van channeling en spiritisme. De volgende stap is dat de mens zichzelf schept door middel van klonen. De moderne mens ziet zich toch als god?!
F.R.P. en realiteit
Een nieuwe vorm van spelen zijn de zgn. fantasierolspelen (FRP). Een spelbord is er niet; dit wordt vervangen door de fantasie van de spelers, en een spelleider die de spelregels in de gaten houdt. De spelers vertegenwoordigen ieder een op papier beschreven personage in dat verhaal. Ze spelen dus een rol. In het verhaal, worden de spelers met een opdracht (probleem, gebeurtenis..) geconfronteerd, waarop ze moeten reageren vanuit hun personages. Het kunnen goede, maar ook slechte karakters zijn. Men kiest er vaak voor om een slecht karakter te spelen, want dan hoeft men zich niet aan allerlei ethische regels te houden. Het script voor het spel is vaak afkomstig uit bijv. boeken die de basis van een verhaal vormen, bijvoorbeeld een denkbeeldige ridderwereld, een middeleeuwse wereld, een mythologische wereld, een onderwereld, een magische wereld, een hemelse wereld en nog veel meer. Ook worden vanaf internet steeds meer fantasieverhalen gedownload waarmee je kunt spelen. Steeds meer gaat het om occulte scripts, die je daar aantreft. Ook televisieseries zoals occulte trillers vormen vaak een basisidee voor een spel. De personages in het spel kunnen zijn: mensen, reuzen, dwergen, tovenaars, trollen, heksen, geestwezens, geestesverschijningen, etc.. De spelen duren niet zomaar een uurtje, maar kunnen zelfs jaren duren. Men kan zich gaan vereenzelvigen met de rol, en men weet niet meer wie men zelf in werkelijkheid is. Bij het beoordelen van een spel moet men kijken naar het morele gehalte van het spel. Is er sprake van normen en waarden? Verder moet je verbeeldingskracht als zodanig niet afwijzen, want God heeft de mens geschapen met de mogelijkheid om dingen te bedenken, maar je moet steeds erop bedacht zijn dat er een grens is tussen goede, opbouwende fantasie, en negatieve, destructieve fantasie. Ook Jezus wijst op het gevaar van verkeerde fantasieën, bijv in Matt. 5: 28 en 29. Daar staat: “Maar Ik zeg u: Een ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd. Indien dan uw rechteroog u tot zonde zou verleiden, ruk het uit en werp het van u, want het is beter voor u, dat een uwer leden verloren ga en niet uw gehele lichaam in de hel geworpen worde”. Je kunt dus in je gedachtewereld, in je fantasieën, onrein zijn. En die gedachtewereld maakt deel uit van je persoonlijkheid. Dus je kunt niet zeggen: “Ik bedenk het alleen maar, dus het is niet werkelijk”. We zien hieruit ook dat fantasie niet perse alleen betrekking heeft op het bedenken van iets dat (nog) niet in werkelijkheid bestaat, maar ook op dingen, die in de werkelijkheid bestaan, en die men zich met behulp van zijn geheugen zich kan voorstellen.
Onderwijs en realiteit
Mogelijke gevaren zijn er ook in onderwijs en opvoeding. Kinderen moeten soms op zgn. ludieke wijze dingen leren. Het gaat niet om dingen uit het hoofd leren, maar om het stappen in een andere wereld, want ‘daar kun je veel meer dingen beleven’. De juffrouw zegt bijvoorbeeld: “We gaan ons lekker ontspannen, en in gedachten gaan we een reis maken. We stappen in een denkbeeldig vliegtuig, en dan gaan we naar een onbewoond eiland en daar beleven we allerlei dingen”, enz.. Het is heel suggestief. Dr. Franzke heeft ontdekt, dat er bij dat soort fantasiereizen sprake was een uittreding uit het lichaam. Er kunnen problemen ontstaan bij het ‘terugkeren’. Soms moet een bepaalde hypnose verbroken worden om in de werkelijkheid terug te komen. Ook worden dit soort methoden, bijv. de methode schrijfdans, gebruikt bij het leren schrijven. Een andere methode leert kinderen cijfers aan. Bijv. de (rechte)1 wordt geleerd aan de hand van een heks die nieuwe bezems gaat kopen. Recht is de bezem, waarmee de heks recht door de lucht kan vliegen. Hiermee wordt de wereld van het schrijven van het begin af aan ge-ankerd aan de heksenwereld!
Ook het spelen van computerspelletjes kan verslavend werken. Onlangs stond het volgende in de krant: “Een 14-jarige Roemeense jongen is ingestort na 9 dagen en 9 nachten lang een computergame te hebben gespeeld. Hij zakte in een internet-café in elkaar en belandde in het ziekenhuis. Daar werd vastgesteld dat de tiener lichamelijk en geestelijk was uitgeput. Volgens zijn moeder was de jongen verslaafd aan het computerspel Counterstrike.Hij spijbelde, stal en loog om te kunnen ‘gamen’. Verder had hij zich al dagen niet gewassen en was hij 8 kilo afgevallen door al dat computeren”.
Ook het sjamanisme is erg in. Een sjamanist is van oorsprong een toverdokter, die zichzelf door allerlei voorgeschreven mantra-achtige rituelen in extase brengt en uit zijn lichaam treedt en een andere werkelijkheid binnengaat. Dat gebeurt soms door dieren die als geleidegeest functioneren. Hoe meer men dit uittreden doet, hoe makkelijker het gaat. Het zgn. neo-sjamanisme is verankerd in de natuurreligie, wat ook door de heksen wordt gepropageerd. Dat lijkt heel onschuldig en soft, maar is zeer misleidend. De antropoloog Carlos Castenada heeft diverse boeken geschreven over primitieve volkeren, bijv. in het Amazonegebied, en ontdekte dat men hallucinerende middelen uit de natuur, bijv. pado’s (paddestoelen), gebruikte om contacten met de geestelijke wereld te krijgen.
Virtual Reality
Een irreële werkelijkheid kan niet alleen via meditatie, trance, etc. worden bereikt, maar ook met behulp van de computer (virtual reality = denkbeeldige werkelijkheid) . Een computer kan een virtuele ruimte scheppen waarin een gebruiker zich in een uit digitale beelden opgebouwde omgeving kan bewegen en daarin kan handelen in de ervaring dat het echt is. Men draagt een visiohelm met daarin driedimensionale beelden die vanuit de computer digitaal bestuurd worden. Stereokoptelefoons van hoge kwaliteit laten ruimtelijke geluiden horen. Op de helm aangebrachte sensoren registreren de bewegingen van het hoofd, waardoor de computer al rekenend de gezichtshoek kan veranderen door nieuwe beelden, die ze daardoor samenstelt, te laten zien. Doordat men speciale handschoenen en bewegingssensoren draagt ziet men op het beeldscherm beweegbare vingers verschijnen die bij de eigen handen lijken te behoren. Zo kan men verschillende elektronische voorwerpen 'vastpakken' die op echte voorwerpen lijken, schakelaars aan- en uitzetten, motoren starten, hendels bedienen, machines besturen of zelfs een virtuele patiënt opereren. Men kan ook een speciaal datapak aantrekken dat de bewegingen van de ledematen aan de computer doorgeeft. Verscheidene personen die zich op verschillende plaatsen bevinden kunnen dezelfde cyberspace 'betreden', elkaar 'zien', elkaar aanraken of op elkaar reageren en zo virtueel elkaar ontmoeten. Je kunt jezelf 'virtueel klonen' en op verschillende plaatsen aanwezig zijn. Cyberseks en het 'wisselen van zelven' zou zich in de toekomst best wel eens tot de belangrijkste vorm van toekomstig amusement kunnen ontwikkelen!
Twee VR (virtual reality)-auteurs (Jaron Lanier aan Franc Biocca) schreven aan elkaar: "Ik denk dat één van de opvallendste facetten van een virtueel wereldsysteem waarin je de vrijheid, de keuzemogelijkheid hebt om de inhoud van de wereld in een handomdraai te veranderen, is, dat het onderscheid tussen je eigen lichaam en de rest van de wereld niet vaststaat. Als je het vanuit een VR-perspectief bekijkt wordt het lichaam in principe gedefinieerd als dat onderdeel dat je even snel kunt bewegen als je kunt bedenken. In een virtuele wereld kun je in ‘real time’ deuren op afstand opendoen, vulkanen aan de einder tot ontploffing brengen en noem maar op wat je kunt bedenken. Als je dat punt bereikt hebt is het niet gemakkelijk om de begrenzing van het lichaam nog precies te kunnen bepalen.
Gevaren van Virtual Reality
De mens lijkt zich steeds meer te ontwikkelen als een wezen dat controle (autonomie) krijgt over zijn omgeving. De wereld lijkt steeds kleiner te worden, en de mens lijkt goddelijke eigenschappen als scheppingskracht, alomtegenwoordigheid te winnen, en beperktheden van zijn lichaam en bestaan te verliezen. Men gaat denken: ”Ik ben god”.
De mens wordt overspoeld met een materialistisch, reductionistisch, symbiotisch en evolutionistisch wereldbeeld, waarin men zich steeds verder ontwikkelt van het besef dat we in Gods wereld leven, en verantwoordelijkheid ten opzichte van Hem hebben af te leggen, hoe we met onszelf, de ander en Zijn schepping zijn omgegaan. Men heeft niet door, dat men steeds verder van de ware God afdwaalt. Er ontstaat een identiteitscrisis, want het onderscheid tussen het ik en de rest van de wereld, tussen werkelijkheid en irrealiteit, tussen ruimte en grenzen van de tijd, vervaagt of verdwijnt steeds meer. Die crisis wordt nog versterkt als men gaat denken, dat men uit meerdere persoonlijkheden (vele identiteiten) bestaat.
Door het gebruik van de computer gaat de grens tussen realiteit en waan (virtualiteit) steeds meer vervagen. De VR-technologie is nog betrekkelijk primitief, maar ontwikkelt zich explosief. Het wordt door steeds snellere computers gemakkelijker om het verloop (qua tijd en ruimte) tussen voornemen en uitvoering te verkleinen of zelfs tot ‘real time’ te reduceren. Alles lijkt maakbaar. Men zoekt steeds meer naar wegen om uit de werkelijkheid te ontsnappen. Nu is al een van de grootste problemen in de volksgezondheid het gegeven dat veel mensen in een waan leven. Maar dat zal zeer waarschijnlijk nog ernstiger worden.
Christenen en virtuele verleiders
Welke antwoorden hebben wij als christen op dit soort ontwikkelingen? Belangrijk is dat wij de aardse en geestelijke realiteit met elkaar integreren, door in woord èn werk anders te zijn, en dat wij een levende getuige zijn van de hoop die in ons leeft door Jezus Christus. Paulus geeft in 1 Tess. 2: 1 –12 een beeld daarvan: “Want zelf weet gij, broeders, dat ons komen bij u niet zonder vrucht is geweest. Immers, ondanks de mishandeling en de smaad, die wij, zoals gij weet, te Filippi tevoren ondergaan hadden, hebben wij u, in onze God vrijmoedig, onder zware strijd het evangelie Gods gebracht. Want ons vermanen komt niet voort uit dwaling, noch uit onzuivere bedoeling; het gaat ook niet met list gepaard. Integendeel, daar God ons waardig heeft gekeurd om ons het evangelie toe te vertrouwen, spreken wij, niet om mensen te behagen, maar Gode, die onze harten keurt. Want wij hebben ons nooit afgegeven met vleitaal, zoals gij weet, of met enig baatzuchtig voorwendsel; God is getuige! Ook zochten wij geen eer bij mensen, noch van u, noch van anderen, hoewel wij als apostelen van Christus ons hadden kunnen laten gelden; maar wij gedroegen ons in uw midden vriendelijk, zoals een moeder haar eigen kinderen koestert. Zo waren wij, in onze grote genegenheid voor u, bereid u niet alleen het evangelie Gods, maar ook ons eigen leven mede te delen, daarom, dat gij ons lief geworden waart. Want gij herinnert u, broeders, onze moeite en inspanning. Terwijl wij nacht en dag werkten, om niemand uwer lastig te vallen, hebben wij u het evangelie van God gepredikt. Gij zijt getuigen, en God, hoe vroom, rechtvaardig en onberispelijk wij ons bij u, die gelooft, gedragen hebben. Gij weet trouwens, hoe wij, als een vader zijn eigen kinderen, u hoofd voor hoofd vermaanden, aanmoedigden, en betuigden te blijven wandelen, Gode waardig, die u roept tot zijn eigen Koninkrijk en heerlijkheid”.
Wij mogen onze identiteit in Christus kennen (Kol. 1: 9 en 10; Ef. 4:17) en groeien in geestelijk onderscheid. Wij mogen ons leven heiligen en het beeld van Christus (uit)dragen. We hoeven ons niet te isoleren, maar juist midden in de maatschappij staan als zoutend zout.
(met dank aan Piet Guyt voor het op schrift stellen van de lezing, die Gerard Feller op 10 mei 2003 in Houten heeft gehouden op de bijeenkomst van de interkerkelijke werkgroep ‘Bijbel of New Age’)
Categorie: Virtualiteit en occultisme