Embryonale of adulte stamcel?

 

Embryonale of adulte stamcel?

H. Jochemsen, Friesch Dagblad 6 febr. 2007

Wat betekent deelname van de ChristenUnie in het Kabinet- Balkenende IV voor medisch-ethische onderwerpen? Een van die medisch-ethische kwesties is de ruimte die er is voor onderzoek met menselijke embryo's en - daarmee verbonden - stamcellen. Maar wat gebeurt er nu eigenlijk precies bij die laboratoriumtechnieken? Medisch-ethicus HenkJochemsen zet een en ander uiteen. Er blijken ook nog heel wat bezwaren aan te kleven.

HENK JOCHEMSEN

Op 1 september 2002 werd de thans geldende Embryowet van kracht. Deze wet verbiedt hetmaken van embryo's voor onderzoek. Ook niet via de kloontechniek zoals die werd toegepast bijhet schaap Dolly. Maar de wet vereist dat binnen vijf jaar deze beperking opnieuw besproken, eneventueel opgeheven wordt. Als wetenschappelijke ontwikkelingen dat wenselijk en internationale) ethische verschuivingen dat toelaatbaar zouden maken. Voor 1 september 2007moet de regering dus beslissen of de Embryowet aangepast moet worden. Met het oog op die beslissing heeft het huidige demissionaire kabinet een politieke evaluatie laten voorbereiden, door een inhoudelijk evaluatierapport te laten opstellen.Dat rapport werd op 9 maart 2006 uitgebracht. Daarin wordt onder meer gepleit voor opheffing van dat verbod op het tot stand brengen van embryo's mede met het oog op het maken van kloonembryo's. Onderzoekers menen dat hierin veelbelovende mogelijkheden schuilen.

Kort nadat in 1997 de klonering van het schaap Dolly was bekendgemaakt, begon internationaal een discussie over het toepassen van deze techniek bij mensen. De meeste landen ter wereld waren het er spoedig over eens dat het klonen met het oog op geboorte van baby's ('kloonbaby's')niet toelaatbaar is. In diverse internationale verdragen en afspraken is dit astgelegd. Maar al spoedig kwamen stemmen op die vonden dat deze kloontechniek wel bij mensen toegepast moest kunnen worden om embryo's tot stand te brengen, zonder dat de volgroeide baby's ter wereld komen ('kloonembryo's').

De techniek hiervoor is dezelfde als voor het tot stand brengen van kloonbaby's en als toegepast is bij Dolly. Maar die tot stand gebrachte kloonembryo's zouden dan niet in de baarmoeder van een vrouw ingebracht worden met het oog op de geboorte van een kloonbaby. Die kloonembryo's zouden gebruikt kunnen worden voor medisch-wetenschappelijk onderzoek. Om wat voor onderzoek gaat het dan? In de literatuur is vooral gewezen op onderzoek naar de wijzen waarop ziekten zich manifesteren en op de mogelijkheid die kloonembryo's te gebruiken als bron van levende cellen ter behandeling van patiënten. Hierbij gaat het om wat wel genoemd wordt 'therapeutisch kloneren'.

Dit gaat als volgt in zijn werk: van een vrouw wordt een onbevruchte eicel 'geoogst' (op zichzelf al een hele ingreep). Uit deze eicel wordt de kern gehaald, zodat er geen erfelijk materiaal (DNA) meer in zit. Vervolgens wordt van een patiënt een cel afgenomen en wordt de kern van deze cel, waar dus al het erfelijke materiaal van die patiënt in zit, in die ontkernde eicel gestopt. Via speciale technieken wordt de aldus behandelde eicel gestimuleerd zich te gaan ontwikkelen als menselijk embryo. Dit is in feite het tot stand brengen van een kloonembryo van die patiënt.

Dat embryo is genetisch gelijk aan die patiënt en in zekere zin een ééneiige tweelingbroer of zus van die patiënt, maar dan zoveel dagen of jaren jonger. Dat embryo kan vervolgens gebruikt worden als bron van stamcellen. Stamcellen zijn cellen die zich nog kunnen ontwikkelen tot de ruim 200 verschillende soorten weefsel waaruit het menselijk lichaam is opgebouwd - althans in principe. Welnu, die stamcellen kunnen dan zo 'gestuurd' worden dat ze zich ontwikkelen tot dat celtype waaraan die patiënt behoefte heeft, en met die cellen zou die patiënt dan behandeld kunnen worden. Een soort van weefseltransplantatie, maar dan van cellen die zich hebben ontwikkeld op basis van een kloonembryo. In theorie zouden dan van patiënten kloonembryo's gemaakt kunnen worden die als een soort geneesmiddel ter behandeling van die patiënten gebruikt zouden worden. Voor het zo ver zou zijn, zouden nog wel vele wetenschappelijke, misschien wel onneembare, hobbels genomen moeten worden.

Omstreden

Nu is ook deze techniek internationaal niet onomstreden. In verscheidene landen, waaronder Duitsland, Frankrijk, Canada en Australië, is de kloontechniek bij mensen en dus ook het zogenaamde therapeutisch kloneren bij wet verboden. In 2005 namen de Verenigde Naties een resolutie aan waarin alle landen worden opgeroepen het kloneren van mensen in elke vorm te verbieden. Omdat daarbij pril menselijk leven volledig als biologisch materiaal wordt gebruikt. Maar in andere landen is deze techniek wel toegestaan, onder andere in Engeland, België en de Verenigde Staten, al mag in de VS hieraan geen overheidsgeld besteed worden. Ook in Korea is deze kloontechniek toegestaan. En dit land leek de wedloop naar de eerste menselijke kloonembryonale stamcellen gewonnen te hebben. Woo-Suk Hwang (van origine diergeneeskundige) en zijn medewerkers publiceerden een artikel in Science waarin zij dat beschreven. Dit betekende niet alleen geweldig wetenschappelijk prestige maar ook enorm financieel voordeel omdat aan die technieken octrooien zijn verbonden die potentieel heel veel geld waard zijn. Hwang werd de kloonkoning.

Fraude

Maar die is inmiddels tot aftreden gedwongen. Het bleek dat Hwang vrouwelijke medewerkers onder druk had gezet en sommigen had betaald om zich beschikbaar te stellen als donor van eicellen. Verder bleek dat hij veel meer eicellen nodig had om menselijke kloonembryo's tot stand te brengen en daarvan stamcellen in kweek te brengen dan hij aanvankelijk beweerde. En nog even later bleek dat in feite helemaal geen menselijke kloonembryo's tot stand gebracht waren. Er bleek sprake van fraude. Hwang werd van meest gevierde tot meest verguisde wetenschapper. Sic transit gloria mundi. Dit veroorzaakte een geweldige schok in de wetenschappelijke wereld. Als in een dergelijk prestigieus wetenschappelijk tijdschrift dergelijke fraude kan worden gepubliceerd, wat kan je dan nog vertrouwen? Overigens toont deze gebeurtenis dat de sterke verwevenheid tussen wetenschappelijk onderzoek en de financiële belangen ook duidelijk gevaren heeft. Een belangrijke vraag die hier opnieuw naar voren komt, is ook of het wel zo'n goed idee is om octrooien te verlenen op bepaalde biologische processen zonder dat die processen zelf al een specifieke medische toepassing kennen. Naast het volledig instrumentele gebruik van menselijke embryo's - embryo's als onderzoeksmateriaal - zijn er nog andere bezwaren tegen het 'therapeutisch kloneren'. In de eerste plaats dat deze techniek veel menselijke eicellen nodig heeft, vooralsnog vele tientallen zo niet honderden per patiënt. Die moeten verkregen worden van vrouwen die eicellen willendoneren. Het is zeer twijfelachtig of via vrijwillige donatie voldoende eicellen verkregen zouden kunnen worden. In de VS worden al grote bedragen gegeven aan vrouwen die na ovulatiestimulering eicellen laten wegprikken. Als de vraag naar eicellen sterk gaat stijgen zou dat leiden tot een markt in eicellen en een grote kans op uitbuiting van arme vrouwen met gevaar voor eigen gezondheid. Ten tweede: er is een heel goed alternatief voor embryonale stamcellen, namelijk stamcellen uit lichaamsweefsels van mensen vroeg of iets later na de geboorte. De laatste jaren heeft naast hetonderzoek met (menselijke) embryo's ook veel onderzoek plaatsgevonden met deze zogeheten lichaamsstamcellen (met een anglicisme ook wel 'adulte stamcellen' genoemd). Dit heeft eengrote vlucht genomen. Lichaamsstamcellen zijn gespecialiseerde stamcellen die in ieder weefsel voorkomen en die zorgen voor het normale proces van vernieuwing van het weefsel,bijvoorbeeld na verwonding. Die lichaamsstamcellen blijken veel flexibeler dan vroeger gedacht.Vooral stamcellen uit beenmerg (die al jaren worden gebruikt bij behandelingen) en uit navelstrengbloed blijken zich in een groot aantal verschillende typen cellen te kunnen ontwikkelen. Beenmergstamcellen blijken zich onder meer te kunnen ontwikkelen in skeletspier, verschillende soorten hersencellen, levercellen, en zenuwcellen. Er is enkele jaren geleden zelfseen celtype geïsoleerd uit beenmerg dat zich in (vrijwel) elk celtype dat in het lichaam voorkomt lijkt te kunnen ontwikkelen. Ook stamcellen uit andere weefsels, bijvoorbeeld uit een bepaald weefsel in de neus en uit hersenen blijken zich tot diverse celtypen te kunnen specialiseren. Momenteel worden in diverse landen in de wereld op experimentele basis patiënten met verschillende ziekten behandeld met lichaamsstamcellen. Ook in Nederland zijn onderzoekers hiermee bezig. Resultaten verschillen, er is nog geen sprake van een wetenschappelijk bewezen betrouwbare behandeling (behalve bij beenmerg). Maar de ontwikkelingen zijn veelbelovend. Hopelijk gaat het nieuwe kabinet hierininvesteren en niet in ethisch verwerpelijk en wetenschappelijk onzeker embryo-onderzoek datmaar beter verboden kan blijven.

Prof. dr. ir. H. Jochemsen is directeur van het Lindeboom Instituut voor christelijke medische ethiek en bijzonder hoogleraar medische ethiek


Share:Del.icio.us!Facebook!Google!Live!Yahoo!

Categorie: Christelijke medische ethiek